DONAR - Leiden halve finale play-offs 1982 game 1

Voor de vierde maal in de halve finale van de play offs tegen Leiden. Alle keren heeft Leiden tot nu toe gewonnen. Alle keren met een ‘clean sweep’. Ditmaal zal het anders gaan. Verwacht basketbalminnend Groningen.

Toch geeft datzelfde Leiden op de laatste competitiedag nog even haar visitekaartje af. Verslaan thuis Den Bosch. Met een ongrijpbare Steve Puidokas. Scoort 37 punten. Heeft Moore al niet gezegd: ‘Leiden is het grootste struikelblok?’

Mis, mis, mis

2800 toeschouwers. Sid Bruinsma scoort voor Leiden de eerste punten. Dezelfde Bruinsma is zwaan-kleef-aan bij Jimmy Moore. De koningsschutter komt niet los. Mist zes maal op rij. Scoort eerst na 14 minuten zijn eerste puntjes. Vooral Mitchell Plaat vuurt met scherp. Schiet met 7 op 7(!) de Groningse plannen lek. 16-24 en 26-36. Vlak voor rust dan toch een heus Donar-runnetje.9-0. Rust 35-36.

Iedereen gaat redelijk gerust aan de koffie. Of het bier. De zenuwen zijn weggespeeld. Nu zal het beginnen. Denkt iedereen.

Niet olè, maar ojè

Niet dus. Niet Donar runt. Maar Leiden. Met opnieuw Sid Bruinsma in de hoofdrol. Na 5 minuten in de tweede helft staat het 42-52. Ton Boot daarover: ‘Donar moest toen eigenlijk komen, maar wij liepen weg naar tien punten. Zoiets is dodelijk. Dan breekt er iets en weet je dat het heel moeilijk wordt om nog te winnen. In die periode was Bruinsma goed bezig’.

Het Leidsch Dagblad: ‘Waar Donar juist in die cruciale fasen domweg de mist in ging, dacht Leiden eerst twee keer goed na. Dat leverde pure winst op’.

Weer dus een kloof van een punt of tien. Donar moet wat. Het lukt niet. De Telegraaf: ‘Eigenlijk zat iedereen te wachten op het moment dat bij Donar de vlam in de pan zou slaan, maar dat bleef geheel uit. Franken bezondigde zich aan twee domme doordringfouten en de Leidse verdediging bleef het tempo drukken’.

Zweten en zwoegen

Inderdaad. Donar heeft grote moeite met de tactiek van Leiden. Spelen aanvallend heel gecontroleerd. Nemen hun tijd. ‘Die slome gasten’(zoals Van Gent ze noemt)halen alle tempo uit de game. Laten Donar niet rennen en vliegen. Zoals ze graag willen. Er is ook geen speler die een beetje in een ‘flow’ komt. Het is zweten en zwoegen.

Vier minuten voor tijd is het 67-77. Bruinsma en Lawrence moeten er met 5 fouten af. Dan toch nog een runnetje van Donar. Komen terug tot 74-77. Lukt het dan toch nog? Neen. Roland van den Bergh mist in die fase 4 vrije worpen op rij. Mitchell Plaat loodst Leiden op indrukwekkende wijze de veilige haven in. De eindstand wordt 76-79.

Waarom toch

De oorzaak van de nederlaag? Het Nieuwsblad: ‘Uiterst nerveus van de eerste tot de laatste seconde bleef het Groninger team te ver onder zijn normale niveau’ en ‘De zenuwen hadden Donar meer in de greep dan het geval was bij Leiden’. En de vette kop ‘Druk voor Donar te groot’.

Vooral Franken en Moore (7 op 17 schot) krijgen er van langs. ‘Een goede prestatie leveren onder grote psychische druk is het tweetal blijkbaar niet gegeven’. Schrijft het Nieuwsblad toch behoorlijk vernietigend.

Emile Hagens van Leiden maant tot voorzichtigheid. ‘Wat wij hier deden, kan Donar zaterdag ook bij ons’. Leidencoach Ton Boot sluit zich daarbij aan: ‘Je kunt zaterdag een totaal andere wedstrijd krijgen, dat is nu eenmaal play off basketbal’.

Tja, als zij het zeggen!

Het Leidsch Dagblad is onverbloemd optimistisch: ‘De Groningers zullen behoorlijk ontmoedigd zijn nu zij zaterdag in de hen vijandig gezinde hal moeten aanhaken. De kans op slagen moet gering worden geacht’.

Hoe nu verder

Het Nieuwsblad schrijft: ‘Alleen de mentale kracht van de ploeg, een karaktereigenschap die hoog in het vaandel wordt meegevoerd, lijkt Donar nog over de drempel te kunnen tillen. Anders komt zaterdag een wel erg hard einde aan een zoete kampioensdroom’.

Is Donar geslagen? Komt er een einde aan de zoete kampioensdroom? Toont de ploeg mentale veerkracht? Zullen Moore en Franken bewijzen dat ze wel onder grote psychische druk kunnen spelen? Is Henk Stolk er dan wel bij? Zaterdag in Leiden de antwoorden.

Donar: Kruidhof 17, Moore 14, Faber 13.
Leiden: Plaat 24, Bruinsma 20, Downey 12.